Wormen bij paarden

Specialist aan het woord:

Wormen bij paarden

Paarden kunnen besmet zijn met diversen soorten parasieten. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen interne en externe parasieten. Luizen, teken en vlooien zijn voorbeelden van externe parasieten. Maagdarmwormen is een voorbeeld van interne parasieten. In dit artikel ga ik dieper in op de meest voorkomende wormen soorten die veel problemen kunnen veroorzaken bij paarden en op welke manieren je het risico op een wormbesmetting kan verlagen.

Bij paarden komen de volgende wormensoorten het meest voor: 
- Veulenworm (Strongyloides westeri)
- Spoelworm (Parascaris equorum)
- Rode bloedworm/kleine strongyliden (Cyathostominae)
- Grote strongyliden (Strongylus vulgaris)
- Lintworm (Anoplochephala perfoliata)

Het is van belang dat paarden worden behandeld wanneer zij besmet zijn met wormen. Wormen kunnen namelijk veel schade aanbrengen aan de darmwand en de bloedvaten in de darmwand. De symptomen die zich door beschadiging kunnen optreden zijn diarree, koliek, bloedarmoede, vermagering, groeiachterstand en paarden kunnen zelfs aan een wormbesmetting overlijden.
Wat vaak de meeste schade veroorzaakt is de verplaatsing van een groot aantal ingekapselde larven vanuit de darmwand. Sommige wormen soorten kunnen in een tijdelijke winterslaap gaan wanneer voldoende volwassen wormen in de darmwand aanwezig zijn. Het afweersysteem van een paard kan dan de larven inkapselen in de darmwand. Wanneer weinig volwassen wormen aanwezig zijn in de darm wordt een signaal afgegeven aan de ingekapselde larven. De migratie van de larven start en veroorzaakt veel schade aan de darmwand.

Op welke manier kan je het risico verlagen?
Een van de belangrijkste adviezen om het risico op een besmetting te verlagen is het uitvoeren van preventieve maatregelen. Daarbij is van belang, als de paarden in de zomer in de wei staan, dat een juist weidemanagement wordt uitgevoerd. De volgende maatregelen kunnen bijdragen aan een lagere besmettingsgraad:
1. Elke dag de mest verwijderen draagt bij aan het verminderen van eitjes en/of larven op het weiland. Het risico van opname van de eitjes en/of larven en de infectiedruk wordt hierdoor verlaagd.
2. Zorg dat er tussen de 3-5 paarden per hectare op het weiland aanwezig zijn. Hierdoor wordt de hoeveelheid mest verlaagd.
3. Zet geen veulens en oudere paarden bij elkaar in het weiland. Veulens kunnen een grote bron zijn van een wormbesmetting omdat zij nog een lagere weerstand hebben.
4. Wissel op het weiland paarden met, wanneer mogelijk, schapen of runderen af. Deze dieren zullen werken als een stofzuiger. Wormen worden opgegeten en schapen of runderen worden niet ziek van deze wormen.

Wat is het voordeel van een mestonderzoek?
Met behulp van een mestonderzoek kan de diagnose worden vastgesteld. Door middel van een EPG worden het aantal eitjes per gram mest geteld. Het is belangrijk om hierbij te vermelden dat deze methode geen diagnose geeft van het aantal larven of ingekapselde larven in het paard. Uit het onderzoek kan een laag EPG worden gevonden en alsnog kan in de darm van het paard een grote hoeveelheid larven aanwezig zijn. Voordat paarden het weiland ingestuurd worden dient een mestonderzoek uitgevoerd te worden.

Op welke manier wordt behandeld?
Wanneer bij paarden een wormbesmetting is vastgesteld kan een wormenkuur worden toegediend. Het is van belang dat voor elke wormsoort een ander ontwormingsmiddel wordt gebruikt. Soms is een combinatiemiddel mogelijk. Het middel wordt oraal toegediend.

Het is vooral van belangrijk dat een juist weidemanagement wordt toegepast als paarden in de zomer in de wei worden geplaatst. Voordat paarden de wei ingaan en in de winter dient een mestonderzoek te worden uitgevoerd. Hou altijd rekening met symptomen als acute diarree of koliek en laat uw klant gelijk de dierenarts bellen.

In de column "Specialist aan het woord” wordt er een onderwerp of product aan het licht gebracht. Deze column geeft meer informatie over het onderwerp of product. Willemijn van Duinen is de nutritionist van Tijssen Goed Voor Dieren. Als voedingsdeskundige houdt zij zich bezig met de recepten en de kwaliteit van de producten binnen Tijssen.

Heeft u ook een vraag over voeding? Laat het ons dan weten.

Bron: https://tijssengovodi.nl/nl/menu1/Nieuws/specialist-aan-het-woord/wormen-bij-paarden